Erelid

dinsdag 26 maart 2013 | In Columns Geen reacties

columnJe zou maar VVD heten en de heer H. Wiegel in je gelederen hebben. Dan waait de wind uit meerdere richtingen. Wiegel is zelf bepaald niet vies van media-aandacht. Dat zit in zijn genen. En de media kloppen blijkbaar graag bij hem aan. De kans dat het programma dan meer aandacht krijgt is groot. Zondag 17 maart bijvoorbeeld zat hij bij Jinek. Prompt dringt tot in het NOS-Journaal door wat hij gezegd heeft.

Buitendien speelt de niet aflatende kritiek in de media dat het kabinet geen of te weinig blijk geeft van een samenhangende visie op de BV Nederland. De enige agenda is bezuinigen en dat is al snel ‘kapotbezuinigen’ gaan heten.

Wiegel loopt voor de politieke samenstelling van dit kabinet niet warm. Dat is meer dan duidelijk. Hij raakt het sentiment van een smaldeel van de partijleden en het electoraat. Dat sentiment zegt dat met linkse partijen geen coalitie te sluiten is. De natuurlijke verschillen zijn, zo denkt men, te groot.

Persistente verdeeldheid in eigen kring, brengt elke partijtop, zo zal het ook bij de VVD zijn, in de modus van het zoeken naar wegen om in control te komen en om rust en stabiliteit te brengen. Eenvoudig is dat niet. Laat ik een poging doen om behulpzaam te zijn.

Maar vooraf graag aan alle politieke partijen het advies om het erelidmaatschap af te schaffen, want bij het toekennen daarvan zijn de mogelijke gevolgen niet te overzien. Het gunnen van bijzondere eer regardeert iemands verdiensten van weleer. Onbekend is wat over dat verleden nog kan blijken. Ook onbekend is wat de betrokkene nog gaat doen. De boodschap is eenvoudig: loop beide risico’s niet!

Terug naar Wiegel en de VVD. Je kunt hem vragen ‘te dimmen’, zich te schikken en zijn mond te houden. In dit geval heilloos. Hoe stelliger hem dat gevraagd zou worden, hoe gretiger hij zich roert. Wiegel is een geoefende dwarsligger. Het staat op zijn visitekaartje. Bovendien is het ondemocratisch dit te willen. We hebben gelukkig vrijheid van meningsuiting en dat recht kent geen selectieve toepassing. Ik vond het om dezelfde reden raar dat CDA-senioren, zoals Van Leeuwen, Aantjes, Van Agt en Lubbers, erop werden aangekeken dat zij zich verzetten tegen deelname aan het toen (2010) beoogde minderheidskabinet. Het klonk zo dat zij hun tijd gehad hadden en er beter aan deden zich niet meer en public te roeren. Beschamend!

Bewindslieden kunnen desgevraagd, zoals ik premier Rutte en staatssecretaris Dekker hoorde doen, zeggen dat ze de mening van Wiegel niet delen. Dat is goed, maar het helpt niet genoeg. Onverwachte plaagstoten in een reeks kunnen de partij en het kabinet verkrampen en afleiden.

Doen wat Wiegel voorstelt dan? Een nieuwe fase van formatiebesprekingen inlassen? Een merkwaardige formule. Destijds vond ik de Catshuis-onderhandelingen ook al zo vreemd. De regering regeert en hoort zich niet op te sluiten om tussentijds te toetsen of de samenwerking nog wel werkt. We kennen inmiddels de afloop van die rare episode. Er is nog een argument. Het kabinet Van Agt – Wiegel (1977 – 1981) steunde op 77 zetels in de Tweede Kamer, maar was matig stabiel door het opereren van zeven loyalisten in de CDA-fractie. Bij mijn weten is toen niet gezocht naar fracties in de Tweede Kamer die op programmatische basis gedoogsteun hadden willen geven.

Het valt niet mee om een adequaat alternatief te vinden. Maar het meest banaal aan de zaak is de aanleiding van de repeterende discussie: VVD en PvdA hebben in de Eerste Kamer geen meerderheid. Het ‘vertweedekameren’ van de Senaat doet geen recht aan de rechtstreeks gekozen samenstelling van de Tweede Kamer in september vorig jaar. De Senaat toetst, zo meen ik, of het beleid dat steunt op een meerderheid in de Tweede Kamer op een adequate wijze is vervat in maatregelen, besluiten en wetsvoorstellen. Verder dan dit zou hij zelf niet moeten willen gaan.

Er is, zover ik overzie, geen betere oplossing dan doorregeren. Gedane zaken nemen geen keer! Het kabinet doet er goed aan een grondwetswijziging voor te bereiden die aan de oneigenlijke betekenistoekenning van de Senaat een eind maakt. Premier Rutte moet zowel binnen zijn partij, als daarbuiten, verhalen vertellen. Verhalen over de toekomst van Nederland in ongewisse tijden. Verhalen over de internationalisering van Nederland en over Europese samenwerking. Verhalen over de omvorming van de welvaartsstaat in een staat die steunt op burgerschapszin. Of de heer Wiegel daardoor op andere gedachten komt, valt te betwijfelen. Maar krachtige toekomstbeelden maken het kabinet wel sterker!

Laat uw reactie achter

Vandaag

21-augustus-2013

Onderdanen

Graag of niet maar onderdanen zijn we allemaal. In eerste instantie doet het woord denken aan totalitaire regimes waar de staat of de vorst de…

                     Lees verder Overzicht